Wetenswaardigheden

 

de Kinderschoenenwijzer Alles wat u weten moet voor het kopen van kinderschoenen.

 

Zorg voor de kindervoetjes wil nog wel eens te wensen over laten. Vaak krijgen voetjes pas de aandacht als er klachten zijn. En dan is het te laat! ln ‘de Kinderschoenenwijzer’ wordt stap voor stap uitgelegd waar u allemaal op moet letten bij het kopen van kinderschoenen, welke verzorging voeten nodig hebben en wat de meest voorkomende ‘voetproblemen’ zijn.

 

Let op: De behandelde voetproblemen zijn niet bedoeld om u aan het schrikken te maken, maar om aan te geven wat er in het ergste geval mis kan gaan.

 

Tip: Goede schoenen zijn best ‘cool’. Tuttig hoeven ze allerminst te zijn.

 

Inhoudsopgave

  1. Goed passende kinderschoenen

  2. Ontwikkeling van de voet

  3. In de winkel

  4. Voetproblemen

  5. Voetverzorgingstips

  6. Voetoefeningen

 

1. Goed passende kinderschoenen

inhoud

Waarom hebben kinderen passende schoenen nodig?

De pijnlijke gevolgen van slecht passend schoeisel

 

Draagt uw kind te kleine of slecht passende schoenen, dan kan dat allerlei klachten tot gevolg hebben. De grote teen kan bijvoorbeeld naar binnen groeien, met een hinderlijke knok aan de binnenbal als resultaat. Vooral bij meisjes vanaf ongeveer 10 jaar is het een té vaak voorkomend verschijnsel. Ook hamertenen, de beruchte knikvoet en huidproblemen, zoals likdoorns en voetschimmel, kunnen het gevolg zijn van een voetafwijking. Revalidatie-arts Wilco Blanken weet daar alles van. Hij heeft de relatie tussen voetgezondheid en het dragen van niet-passend kinderschoeisel onderzocht. Er is vastgesteld dat afwijkingen in stand en vorm van de voet op latere leeftijd knie-, heup- en rugklachten kunnen veroorzaken.

 

Feit: Vastgesteld is dat 60% van de kinderen op niet-passende schoenen loopt!

 

Het is niet alleen de lengte die telt

 

Goed passende kinderschoenen zijn zeer belangrijk, nu en later. Maar hoe komt u er achter of uw kind de juiste schoenen draagt? Vaak wordt bij een goed passende schoen alleen aan de lengte gedacht, terwijl ook de breedte heel belangrijk is.

 

De meeste schoenfabrikanten leveren veelal enkel de standaardmaat die het beste verkocht wordt. Daar lijkt immers iedere kindervoet in te passen! Wanneer een kind echter wat bredere voeten heeft, zullen schoenen in een te grote lengtemaat nodig zijn om ze in de breedte te laten passen. Bij smalle kindervoeten geldt het omgekeerde en zijn schoenen in een kleinere lengtemaat nodig om te voorkomen dat uw kind uit zijn schoenen glipt. U gaat dan de winkel uit met kinderschoenen die niet passen!

 

Schoenen van bijvoorbeeld de merken Piedro en Bunnies zijn leverbaar in wel 6 breedtematen, van zeer smal tot zeer breed.

 

 

2. Ontwikkeling van de voet

inhoud

Van 0 tot 2 jaar

Bij de geboorte bestaan de voetjes van een baby voor een groot gedeelte uit kraakbeen. Daarom zijn babyvoeten zacht en buigzaam. Het voetgewelf bestaat al, maar is door de aanwezigheid van vetkussentjes vaak niet zichtbaar. De voeten zijn ongeveer 7,5 tot 10 centimeter lang en hebben de vorm van een eendenpootje: smal bij de hiel en breed bij de tenen. Ook de benen van een baby hebben in het begin nog een speciale vorm. Ze staan namelijk in de zogenaamde 'O'-beenkromming. ln het tweede levensjaar draaien de benen meestal bij.

 

Blootsvoets

Juist omdat de babyvoeten zo buigzaam en vervormbaar zijn, hebben ze veel bewegingsvrijheid nodig. Schoenen en sokken kunnen nadelig zijn voor de ontwikkeling van de voeten. Laat uw kind dus zoveel mogelijk op blote voeten lopen. Zo kunnen de voeten en tenen zich goed ontwikkelen, sterk worden en lekker heen en weer wiebelen. Laat uw baby het liefst op een enigszins oneffen ondergrond lopen, zoals tapijt, zand of gras. Daardoor zal uw baby zich sneller leren te bewegen op 'moeilijk' terrein.

 

Tip: Knip de nagels van uw baby niet te kort af om ingroeien van de nagels te voorkomen.

 

Leren lopen

Voordat een baby gaat lopen, moet hij leren staan. De meeste baby's kunnen zich na 10 maanden optrekken aan bijvoorbeeld de spijlen van de box. Pas wanneer een baby zijn evenwicht kan bewaren, zal hij de eerste stapjes aandurven. Het moment waarop dit gebeurt, ligt niet vast. Sommige baby's kunnen na 9 maanden al zonder steun lopen, anderen beginnen pas na 14 maanden. leder kind ontwikkelt zich nu eenmaal in z'n eigen tempo. Dat is een heel natuurlijke zaak.

 

TIP:  Het vetpolster (vetkussentje) houdt babyvoetjes warm. Bent u toch bang dat de voetjes koud worden, dan zijn sokjes met antislipzooltjes een goede oplossing.

 

De eerste schoentjes

Wanneer uw kind twee à drie weken zelfstandig loopt, kunt u overgaan tot de aanschaf van de eerste schoentjes. Deze moeten de natuurlijke vorm en bewegelijkheid van de voetjes zo min mogelijk in de weg staan.

 

Vanaf drie jaar

Na het derde levensjaar worden de natuurlijk welvingen van de voet zichtbaar doordat het vetpolster (het vetkussentje) langzaam verdwijnt. De binnenlengteboog komt als eerste tevoorschijn.

 

Pas rond het 16e levensjaar zijn de zogenaamde lijmhoudende en kalkhoudende stoffen in het bot in evenwicht met elkaar. De structuur van het voetskelet is dan compleet.

 

 

3. In de winkel

inhoud

Waar moet u op letten voor goed passende schoenen?

 

De juiste winkel is de eerste stap in de goede richting. Er zijn verschillende voorwaarden waar een goede schoenenspeciaalzaak aan moet voldoen:

 

De twee belangrijkste eisen

  1. De schoen omsluit de voet soepel in de voorpartij, van  bal tot tenen. De achterpartij wordt goed omsloten vanaf de bal  van de voet tot rond de wreef en de hiel, zodat de voet niet naar voren schuift.

  2. De tenen moeten in de lengte, breedte en hoogte voldoende bewegingsvrijheid en groeiruimte hebben.

Tip: Laat de pasvorm door de vakbekwame detaillist vaststellen, ook al zegt uw kind dat de schoenen heerlijk zitten. Die mooie glans of die stoere gesp maken van uw kind soms een perfecte 'leugenaar'.

 

Tip: Neem de oude schoenen mee als u nieuwe gaat kopen. De slijtageplekken en de vorm van de oude schoenen maken duidelijk hoe het

looppatroon van de voeten is.

 

Feit: Bij 60 % van de kinderen is de ene voet 2 tot 6 mm groter dan de andere.

 

De pasvorm

 

De lengte: Kinderen hebben schoenen nodig die minstens 10 à 15 mm langer zijn dan de langste teen. Hier zijn verschillende redenen voor: 

De wijdte: Het opmeten van de breedte van de voet mag beslist niet achterwege blijven. De juiste wijdtemaat geeft een goede wreefsluiting en voorkomt dat de schoenen gaan glippen. 

Feit: Zo'n 32% van de kinderen heeft een smalle voet, waarvan de helft extra smal genoemd kan worden en 17% heeft een brede voet. 51% van de kinderen heeft een gemiddelde breedtemaat. Meisjes hebben in het algemeen smallere voeten dan jongens.

 

Tip: In een goede schoenenspeciaalzaak kunt u schoenen in verschillende wijdtematen kopen. De kinderschoenmerken Bunnies en Piedro leveren kinderschoenen van technisch hoogwaardige kwaliteit in 6 verschillende wijdtematen.

 

Het hielbed (supplement)

 

Bij de juiste pasvorm hoort ook een geprofileerde voetbodem. Een goed profiel voldoet aan de volgende voorwaarden:

Let op: Er wordt vaak gedacht dat een voetbed net zoiets is als een steunzool, maar dat is niet zo. Het voetbed is bedoeld om de voet in balans te houden. Kijk daarvoor eens naar een voetstap in het zand. Een voetbed heeft dus geen corrigerende functie. 

Let op: Leren schoenen verliezen hun ventilerend vermogen wanneer het bovenleer afgesloten wordt van de buitenlucht door bijvoorbeeld een laklaag.

 

Hoe vaak heeft mijn kind nieuwe schoenen nodig?

Tussen de 1 en 12 jaar groeit een kindervoet gemiddeld 2 maten per jaar. Maar omdat ze schoksgewijs groeien kan dit, vooral de eerste 6 jaar, ook wel eens 3 maten per jaar zijn.

 

Kan ik zelf controleren of de schoen nog past?

Ja, zoals gezegd geven kinderen meestal niet zelf aan dat ze pijn hebben. Daarom is het heel belangrijk dat u de schoentjes van uw kind regelmatig controleert.

Tip: Bij de PasMerk winkelier kunt u altijd - gratis - laten controleren of de pasvorm van de schoenen van uw kind nog klopt. Daarbij maakt het niet uit of u de schoenen elders hebt gekocht.

 

Sportschoenen, regenlaarzen, plastic sandalen... mag dat?

Tennisschoenen, voetbalschoenen, regenlaarzen, plastic sandalen... Schoenen die zijn gemaakt voor een speciaal doel. Gebruik ze dus alleen voor de functie die ze hebben en laat uw kind er niet elke dag op lopen.

 

Sportschoenen zijn licht van gewicht, meestal gemaakt van soepel materiaal en bieden dáár steun waar het voor een sporter belangrijk is. Voor alledaags gebruik zijn dit doorgaans geen verantwoorde schoenen. Bovendien kan uw kind last krijgen van overmatige transpiratie; in goedkopere sportschoenen zijn namelijk vaak kunststoffen verwerkt.

  

Let op: Sommige ouders zijn geneigd om hun kinderen oude schoenen of gympies aan te geven als ze gaan ravotten. Maar juist wanneer kinderen buiten spelen, zijn goede schoenen heel belangrijk.

 

Ook regenlaarzen zijn bestemd voor slechts één doel: het rondstappen in grote plassen of een dikke sneeuwlaag. Rubberen regenlaarzen hebben een zeer slechte pasvorm en houden het transpiratievocht vast.

 

Plastic sandaaltjes zijn dan wel lekker luchtig en heerlijk om in de zomer te dragen, maar wat betreft de pasvorm is dit schoeisel geheel niet verantwoord. Uw kind kan ze dus beter alleen dragen wanneer het hoog nodig is, bijvoorbeeld als het wil spelen op een rotsige ondergrond of langs het schelpenstrand.

 

Tip: Laat uw kind alleen rubberlaarzen dragen met dikke sokken van schapenwol. Deze kunnen het voetvocht absorberen.

 

Waarom leer?

Leer is een natuurlijk materiaal dat dusdanig te bewerken is dat het soepel en sterk blijft. De voordelen van leer zijn niet te evenaren door andere materialen:

Tips voor het onderhoud

 

4. Voetproblemen

inhoud

O- en X-benen

 

In de periode dat baby's leren lopen, staan de benen in de zogenaamde O-beenkromming. Na het eerste levensjaar draaien de knieën zover naar binnen dat er een X-beenkromming ontstaat. Deze ‘krommingen’ zijn normale verschijnselen. ln de loop van de jaren komen de benen meestal vanzelf weer recht te staan. Zoals al eerder is gezegd, kan slecht schoeisel de natuurlijke ontwikkeling van de benen in de weg staan. O-benen komen voornamelijk voor in de periode waarin baby's bij voorkeur geen schoenen dragen. Dan kan er dus geen sprake zijn van problemen door verkeerde of niet passende schoenen.

 Let op: Als u het idee heeft dat de stand van de voeten, de enkels of de benen niet natuurlijk is, kunt u uiteraard advies vragen aan een arts.

 

Voetvormen

 

De meeste voetvormen hoeven geen problemen te geven. Het zijn geen misvormingen maar natuurlijke verschijnselen. Schoenen met een juiste pasvorm zorgen voor een onbelemmerde ontwikkeling van het kindervoetje. Dit om te voorkomen dat de voetvorm later verandert in een voetprobleem. In veel gevallen zal de O- en X-stand van de voeten zich in een later stadium herstellen. Wat blijft is de slechte houding van het kind dat verkeerd is gaan staan en lopen.

Knikvoeten kunnen ontstaan als gevolg van het dragen van te kleine schoenen. Bij een knikvoet kan er sprake zijn van een verslapping van de spieren en banden tussen het onderbeen en de voet. Hierdoor knikt de voet iets naar binnen. Knikvoeten worden pas een ‘kwaal’ wanneer de banden en spieren in

ernstige mate verslapt zijn waardoor het hielbeen niet meer in de juiste stand wordt gehouden. Een knikvoet kan zich spontaan herstellen. Rond het zesde jaar wordt het voetbooggewelf duidelijker zichtbaar.

 

Bij een platvoet is het gewelf van de voet lager dan normaal en daardoor minder zichtbaar. Een holvoet heeft een sterk gebogen voetgewelf en een hoge wreef. Bij een holvoet drukt het lichaamsgewicht onevenredig zwaar op de bal en de hiel van de voet. De tenen kunnen daardoor in een ‘klauwvorm’ komen te staan. Bij de knok is het puntige schoentje veelal een belangrijke boosdoener. Deze schoenen dwingen de tenen in een verkeerde stand. Door de druk op de knok aan de binnenbal van de voet kan de huid gaan irriteren. Bij een hamerteen is een van de gewrichten gebogen. Deze aandoening komt meestal voor in de tweede teen omdat deze ‘van nature’ het langst is.

 

 

5. Voetverzorgingstips

inhoud

Wassen en drogen

 

Voeten worden tijdens het wassen maar al te vaak vergeten, terwijl ze toch elke dag een hoop werk verzetten. De huid maakt voortdurend nieuwe cellen aan en stoot oude cellen af. Als die oude cellen niet verwijderd worden, gaan de voeten erg onaangenaam ruiken. Daarom moeten voeten,

vooral tussen de tenen, goed gewassen worden. Met name voeten die veel zweten, hebben regelmatig een uitgebreide wasbeurt nodig. Ook het drogen van de voeten wordt nogal eens overgeslagen. Kinderen die lekker in het zwembad of aan zee spelen, zullen geen moment aan hun voeten denken. Let er dan op dat die voetjes en teentjes tijdig afgedroogd worden.

 

Voetschimmel

 

Voetschimmel is een van de meest voorkomende huidaandoeningen. Het wordt ook wel zwemmerseczeem genoemd omdat veel mensen voetschimmel oplopen in zwembaden.

 

Voetschimmel ontstaat meestal tussen de vierde en de vijfde teen, waar het lekker warm en vochtig is. De huid wordt wit met rood, vochtig en gaat schilferen. Voetschimmel jeukt, is pijnlijk en verspreidt een onaangename geur. Deze besmettelijke aandoening is doorgaans zelf te behandelen. Voetschimmel vindt veelal in niet-lederen schoenen een goede kweekbasis. 

Blaren

Blaren ontstaan door overmatige wrijving. Heeft uw kind last van blaren, kijk dan of er iets mis is met de schoenen. Als deze niet goed sluiten, gaat de voet schuiven en ontstaat er wrijving. Transpiratie kan het proces van blaarvorming versnellen. Onregelmatigheden in de schoen of de sok kunnen ook blaren veroorzaken. 

Voetentips

 

6. Voetoefeningen

inhoud

De volgende oefeningen versterken de voetspieren en zijn leuk om te doen. Deze oefeningen hebben alleen effect als ze regelmatig worden herhaald, liefst elke dag (zo'n 15 minuten).

 

Goed voor: een evenwichtige belasting en afwikkeling van de voet.

  1. Het kind loopt over een rechte lijn en zet de ene voet vlak voor de andere. Het begint door het midden van de hiel op de lijn te zetten en vervolgens de derde teen.

Let op: Doe altijd rustig aan, het mag geen pijn doen!

 

Goed voor: het krachtiger maken van de voetboog.  

  1. Leg een deegroller (of een ander rollend voorwerp) op de grond. Het kind houdt één voet op de grond en zet de andere op de deegroller. Vervolgens rolt het de deegroller onder de voet naar achteren en naar voren. Bouw de druk op de deegroller langzaam op.

Goed voor: het krachtiger maken van de voetboog.

  1. Probeer een bal met de voeten op te laten pakken en omhoog te tillen.

Goed voor: de spieren van de tenen en de voetboog.

  1. Leg een handdoek op de grond en probeer het met de tenen te laten verfrommelen.

  2. Zet een leeg bakje op de grond en leg er een paar knikkers naast. Het kind moet proberen de knikkers een voor een met de tenen op te pakken en in het bakje te leggen

Goed voor: het versterken van de voet- en beenspieren.

  1. 6 Trek een lijn. Het kind gaat op de voorvoeten staan en houdt de voeten zoveel mogelijk gestrekt. Vervolgens stapt het onder het lopen steeds kruiselings over de lijn heen. 

  2. Laat het kind als een ooievaar met langzame stappen over de lijn heen lopen en zo goed mogelijk het evenwicht bewaren.

 

Colofon

 

'de Kinderschoenenwijzer' is gemaakt in opdracht van Stichting Erkende Pasvorm.

 

Mede mogelijk gemaakt door:

Bunnies/Van Gastel Kinderschoenen BV

Piedro BV